Geesten van de Glencoe

 

 

De ruitenwissers gaan driftig heen en weer. Het regent hard en onvermoeibaar. Ik heb het nog nooit zo hard zien regenen.  Toch klopt het precies bij het beeld dat wij van te voren hadden. Dat is ook de reden dat wij tegen iedereen zeiden: ‘’we gaan niet naar Schotland voor het weer’’. 

 

 

Ik leun naar voren om de stoelverwarming aan te zetten. Ik nestel me fijn in de warme stoel en geniet van de omgeving. We zijn aan alle kanten omringd door bos. Heerlijk vind ik dat. Het bos heeft iets mysterieus, maar is tegelijkertijd heel toegankelijk. 

 

Mijn blik dwaalt door de auto. De achterbank ligt plat en er liggen twee weekendtassen. Ook staan er twee paar natte uggs tegen het raampje aangedrukt. Over de hoofdsteun hangen een natte broek en wat natte losse sokken. Na een week Schotland kennen wij alle ins en outs wat betreft omkleden in de auto.  Ook denken we dat we heel bedreven zijn in het uithangen van kleding in de auto, later zal helaas blijken dat alles nat en zompig blijft. 

 

Ik graai achter me in de tas met eten en prik me aan een vork. Die vork.. ja, die hebben we gestolen bij een hotel, zodat we onderweg onze good-noodles konden opeten. Hoe duur Schotland ook mag zijn, heet water is gratis bij elk tankstation. Laat je daar overigens niet teveel door van de wijs brengen want om noodles gaar te krijgen heb je kokend water nodig. Ook dat hebben wij inmiddels aan den lijven ondervonden.. twee keer. Na nog wat gewroet in de tas vind ik uiteindelijk een zak chips, prima. 

 

Inmiddels heeft het donkere bos plaatsgemaakt voor de groen bruine grasstroken. De bergen steken glooiend af tegen de donkere wolken. De regen veranderd langzaam in natte sneeuw. De snelweg waar we op rijden lijkt inmiddels meer op een bergpas die nooit gebruikt wordt. Overal liggen rotsblokken op de weg en de bochten worden scherper en scherper, ook de vangrail ontbreekt op sommige stukken. Waar ik mijn adem inhoud van spanning scheurt mijn vriend de bergpas over met de woorden: ‘’Dit is net top-gear!’’

 

Ik zucht en bestudeer de kaart voor de vierde keer in vijf minuten. Volgens de navigatie rijden we op een snelweg, maar dit lijkt in de verste verte niet op een snelweg. Ook uit de kaart wordt ik niets wijzer. We klimmen, kilometers lang en ineens rijden we tussen de bergen. 

 

Gigantische en majestueuze bergen, dít zijn dus ‘’The Highlands’’. De natte sneeuw is inmiddels overgegaan in een ware sneeuwstorm en we hebben maar enkele meters zicht. 

 

‘’De Glencoe vallei, met de drie gezusters, dat is de naam van die bergen.’’ lees ik voor uit het toeristische boekje over Schotland. Wacht eens even, Glencoe, daar heb ik nog meer over gelezen. ‘’The massacre of  Glencoe’’ waarbij een groot aantal burgers werd afgeslacht door soldaten. De Glencoe vallei staat erom bekend dat het er spookt. We kijken elkaar grijnzend aan, spannend! 

 

Enkele kilometers verder, als de sneeuw heeft plaatsgemaakt voor regen, stoppen we voor een uitgebreide fotoshoot. De omgeving is geweldig en het is heerlijk om daar te staan. Ik voel me ontzettend klein tussen die hoge bergen, maar tegelijkertijd voel ik me volmaakt.

Na een poos in de regen te hebben gestaan warmen we ons op bij een koffietentje. Het bevindt zich enkele kilometers verderop in een heel klein dorpje, met maar tien huizen. 

Terwijl ik geniet van mijn worteltaart en kop thee, raakt mijn vriend in gesprek met de serveerster van het tentje.

 

Mijn vriend vraagt met een grijns:

‘They say it’s haunted here, so where are all the ghosts?’

 

De serveerster kijkt hem diep in zijn ogen en zegt bloedserieus:

‘Honey, look around... they’re everywhere.’

 

Met kippenvel en een vreemde smaak in ons mond, verlaten we het koffietentje. 

 

Reactie schrijven

Commentaren: 0